bord 1:(Douwe) In een scherp  opgezette Najdorf stonden alle stukken goed van Douwe, alleen vergat hij te rokeren(dacht dat het niet kon) en h6 was een verzwakking van de koningsstelling. Na een onnauwkeurigheid kwam de witte dame op g7 binnen en met een fraaie combinatie maakte de tegen het uit. 
 
bord 2:(Ronald) Ronald kwam goed uit de opening(Mora), maar verloor vervolgens onnodig nog een pion en na ook nog eens een klwaliteitsverlies leek een nederlaag nabij. Echter ook zijn tegenstander greep mis en de kansen keerden, maar die benutte Ronald niet en uiteindelijk werd het remise. 
 
bord 3:(wim) Na het einde van de partij vertelde de tegenstander dat hij de hele avond aan het verdedigen was, hij speelde met wit en ruilde zo veel mogelijk af, echter Wim zijn overgebleven stukken waren actiever en uiteindelijk was er ook de winst. 
 
bord 4: (Ozden) Ozden won in de opening(Philidor) al vrij snel een pion, maar wikkelde vervolgens te snel af naar een eindspel met ongelijke lopers en een toren en toen Ozden nog een 2e pion won, gokte hij erop dat na torenruil de pionnenvoorsprong genoeg zou zijn. Het leek echter toch op remise uit te draaien, maar hij speelde toch door en uiteindelijk door een foutje van de tegenstander moest zwart zijn loper inruilen voor een pion, waarna het daarna simpel gewonnen was.
 
bord 5:(rob) De tegenstander van Rob ruilde bijna alles af. Inmiddels was rob in tijdnood gekomen(had na tijdcontrole nog 5 minuten over en zijn tegenstander 20 minuten) en op dat moment bood zijn tegenstander remise, wat Rob na enig aarzelen(hij stond beter tot gewonnen) accepteerde.
 

 Bord 6:(Ouker) Ouker speelde tegen een jeugdige speler, die zeer snel speelde, een pion voor, later nog 1 pion en toen was het een kwestie van secuur uitspelen(punt voor Ouker)

 
bord 7:(leo) In tegenstelling tot bijna elke bondspartij was Leo dit keer als eerste klaar. Hij kon met zwart binnendringen op de damevleugel. Dit kwam omdat zijn tegenstander de a en b pion opspeelde en daarna rokeerde hij lang. Via afruil kreeg Leo een stevige aanval op de koning en dat was het moment waarop de tegenstander zich overgaf.
 
bord 8: (martin) Martin speelde met wit en kwam op de 14e zet op een pion voorsprong. Daarna bouwde hij de druk via het centrum op en na het ruilen van de torens had hij een gewonnen stelling op het bord en maakjte het bekwaam af en binnen de tijd.
Al met al een mooie overwinning op een zwak Krommenie. Op naar de volgende overwinning.

Geef een antwoord